woensdag 26 juli 2017
Afdrukken
PDF
 
DE GESCHIEDENIS VAN RIJEKA.

Er zijn sporen van prehistorische nederzettingen in deze regio terug gevonden.Een lange tijd geleden leefde er een Keltische stam. In de oudheid was de naam van de stad Tarsattica. De naam Trsat is afgeleid van het Keltische woord “tarsa”, en betekent heuvel boven de rivier. Er waren nederzettingen van de Illyrische stam “Liburni”, bewoond door matrozen, piraten en scheepsbouwers.
Het oudst bestaande spoor dat getuigd van de aanwezigheid van de mens in de regio Rijeka dateert van de Paleolithische en Neolithische tijd, terwijl ruïnes van de prehistorische heuvelforten dateren uit het bronzen en ijzeren tijdperk. Deze nederzetting domineerde de baai van Rijeka en beschermde tevens de haven in de tijd van de Illyrische stammen.
De Romeinen herplaatste het stadscentrum dichter bij de zee, op de rechteroever van de monding Rijecina rivier.Vele archeologische sites (de fundamenten van de Romeinse gefortifisieerde muren, de muren van woningen, ruïnes van thermische baden, de Romeinse poort) getuigen over de graad van verstedelijking van het Romeinse Tarsattica. Gezegend met zachte glooiingen en een smalle kust strook, een overvloed van zoet water bronnen, omgeven door een baai en de aanwezigheid van de kenmerken van een natuurlijke haven, bezat de nederzetting alle punten om uit te kunnen groeien tot een grote zeehaven en handelscentrum.
Dit zette de ingeweken Kroaten aan om Tarsattica over te nemen en een nieuwe nederzetting op te bouwen. Het eerste originele document over deze middeleeuwse nederzetting dateert uit de eerste helft van de 13de eeuw. Toch spreken historische bronnen over 2 nederzettingen. Trsat op de heuvel van de linkeroever van de Rijeina rivier, op de plaats van de vroegere Liburnische nederzetting Tarsata, en Rijeka aan de kustlijn waar het Romeinse Tarsattica was. Rijeka was op dat moment een kleine gefortifisieerde stad, omgeven door stadsmuren met verschillende verdedigingstorens. De stad was verdeeld in 2 delen. In het bovenste gedeelte was een middeleeuws kasteel en de kerk van St. Vitus (afgeleid van de naam Flumen Sancti Viti), terwijl het onderste deel, het commercieel en handelscentrum, bekend staat onder de naam Rika of Rijeka.
In het begin, alsook naar het einde van de 16de eeuw was Rijeka in handen van de Devin adel; de prinsen van Krk, gevolgd door de familie Walsea. Vanaf 1466 was het in het bezit van de Habsburgers.
Een duidelijke economische ontwikkeling startte in de 16de eeuw, met de handel van ijzer, olie, hout, vee en leder.
Herhaalde aanvallen door de Turken, oorlogen tussen de opvolgers van de Hongaarse troon, alsook de lange gevechten de Uskoks en Venetië diende enkel om de handelsroutes te verstoren.
De aankomst van de Jezuïeten in Rijeka en de stichting van het Gymnasium verbeterde de opleiding en het culturele leven van de inwoners en versterkte het Romanisme en verminderde het gebruik van de Kroatische taal en het Glagolitische schrift. De economie van Rijeka begon opnieuw te bloeien in de 18de eeuw. Op dat moment riep keizer Karel VI Rijeka uit tot vrije haven. Kort daarna gebruikte Hongarije, de rijzende macht in de Habsburg monarchie, Rijeka als zijn poort naar de wereld. OP het keerpunt van de 18de eeuw was Rijeka onder het bewind van Frankrijk en Oostenrijk.
De turbulente 20ste eeuw.

In 1848, het jaar van de volksopstand, werd Rijeka verenigd. Het gevecht tussen Kroatië en Hongarije escaleerde verder. Met de Kroatische Hongaarse afspraak van 1868, bekend als de Patch van Rijeka, werd een voorlopig bewind gevestigd waardoor Rijeka onder het directe bewind kwam van Hongarije. Rijeka ontwikkelde zich snel tot het grootste Hongaars maritiem imperium.
Bij de val van de Oostenrijks Hongaarse monarchie in 1918, werden Rijeka en Susak een deel van de staat van Slovenen, Kroaten en Serven met Zagreb als hoofdstad, maar al snel werd het bezet door de Italianen. Daar Italië geen eisen had gesteld voor Rijeka, startte een overgangsperiode. Het heerschap van D'Annunzio, de onafhankelijke staat Rijeka en de onvermijdbare val van Rijeka in 1924. De economie verkleinde zienderogen en Rijeka veranderde in een kleine provincie stad. Susak, wat een deel geworden was van het koninkrijk van Slovenen, Kroaten en Serven met Belgrado als hoofdstad, profiteerde nu van voorspoed door de vereniging met het binnenland.
Rijeka, samen met het naburige Istrië, was de eerste om weerstand te bieden aan het fascisme, en gedurende WO II vormde het een antifascistisch front. Volgend op de overgave van Italië in 1943, werden Rijeka en Susak bezet door de Duitsers tot in mei 1945.
Volgens het vredesverdrag van 1947 in Parijs werd Rijeka herenigd met Kroatië in het frame Yugoslavië. In 1948 werden de steden Susak en Rijeka verenigd en vormde het de één geworden stad Rijeka, welke zich op verschillende vlakken sterk begon te ontwikkelen.
Na de heropbouw werd Rijeka de belangrijkste zeehaven van het socialistische Yugoslavië. De traditionele industrie herleefde, en scheepsbouw groeide verder uit. De vijf belangrijke invalswegenwegen komende van Zagreb, Ljubljana, Trieste, Pula en Zadar, en de spoorweg, waren sterke troeven voor de ontwikkeling van de tertiaire sector. De sociale en economische groei van Rijeka waren de oorzaak van de snelle toename van het aantal inwoners. Vandaag wonen er in Rijeka en de deelgemeentes ongeveer 200.000 inwoners. In 1991 werd Kroatië een onafhankelijk en souverein land. Ondanks Rijeka gespaard bleef van gewapende gevechten, waren de gevolgen voor Rijeka groot. De economische situatie ging pijlsnel achteruit.

governors's palace

port Rijeka

Korzo Rijeka

Capuchin church Rijeka

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

DE STADSTOREN.

De stadstoren, waarop een grote klok pronkt, is door de tijd heen een plaats geworden waar jongeren afspraakjes maken. Het bovenste gedeelte van de stadstoren werd verhoogd, vernieuwd en gedecoreerd in barokstijl in de 17de eeuw, met beelden van Hasburgse heersers. Boven de hoofdingang bevinden zich overblijfselen van wapenschilden (de Hasburgse tweehoofdige adelaar) en een inscriptie van 1695 op het architraaf. In 1750 werd Rijeka vernield door een aardbeving. Maria Teresia richtte fondsen op om te stad terug op te kunnen bouwen en het oude stadsgedeelte van Rijeka te behouden. Hierna werd het nieuwe gedeelte van Rijeka gebouwd. In die tijd kreeg de stadstoren een nieuwe monumentale ingangspoort. De beeldhouwer Antonio Michelazzi verplaatste de beelden van de heersers op deze poort. In 1784 kocht de stadsbestuurder in Ljubljana vier klokken om ze in de toren te plaatsen. Deze klokken hebben dienst gedaan tot 1873, toen ze vervangen werden door een nieuw mechanisme vanuit Vienna, dat gebruikt werd tijdens een internationale show. De reconstructie van de stadstoren was voltooid in 1801 door het project van Anfun Gnamb.

DE OUDE POORT.

Het is bewezen dat de “Oude Poort” het oudste historische monument van Rijeka is. Sinds 1700 heeft dit monument de aandacht getrokken van vele geïntresseerde wetenschappers. In de 19de eeuw geloofde men dat de “Oude Poort” een triomfboog was die ooit opgericht werd om de heerser Claudius te eren. Later geloofde men dan weer dat de “Oude Poort” de stadspoort was, terwijl Rijeka’s Cimiotti bewees dat het een verstevigingspoort was. De dag van vandaag beweert archeoloog Dr. Mate Suic echter dat het een praetoriumpoort was (Praetorium was aanvankelijk de benaming voor het hoofdkwartier van een Romeins leger. Later werd praetorium de benaming voor de residentie van de procurator (stadhouder of gouverneur) van een Romeinse provincie, en de benaming
voor het keizerlijk hoofdkwartier.). De enige overgebleven decoratie van het monument richt zich naar de zee toe.

DE KERK VAN ST. VITO.

The church of St. Vito in Rijeka

De kerk van St. Vito (nu een kathedraal) werd gebouwd op de plaats waar vroeger een kleine kerkje stond die opgericht was voor St. Vito, de patroon van Rijeka. De Jezuïeten startten met een volledig project om de kerk te bouwen op 15 juni 1638. De bouw had echter onderbrekingen en de hele constructie heeft wel honderd jaar geduurd. De kerk lijkt op de Venetiaanse kerk St. Maria della Salute.

De binnenkant van de kerk wordt gedomineerd door sterke zuilen die de kapelgewelven ondersteunen. In deze kapelletjes staan marmeren altaars die ontworpen zijn tussen 1696 en 1740 door de bekende barokkunstenaars Leonardo Pacassi, Pasquale Lazzarini en Antonio Michelazzi, versierd met beeldhouwwerken van St. Vito en St. Modesto.







KARNAVAL IN RIJEKA.

Carnival in Rijeka Reeds van in het begin van de Middeleeuwen is Rijeka bekend voor de viering van carnaval en de daarbij horende feestjes.
De carnaval traditie in Rijeka is een speciale mengelmoes van de Europese stadscarnaval en de Venetiaanse en Oostenrijkse carnaval, met elementen van folklore en mythologie van de oude Slaven. Carnaval evenementen worden gehouden op marktpleinen en in de straten van Rijeka. Het hoogtepunt van al de evenementen is de Internationale carnaval parade die gehouden wordt op de laatste carnaval zondag.

 








Main Menu

Huur een wagen

Accommodaties

Accommodatie zoeken

Login Form